Wat is Montessori-speelgoed?
Montessori-speelgoed is materiaal waarmee een kind zelf aan de slag kan, in zijn eigen tempo, zonder dat iets of iemand de oplossing voorzegt. De benadering komt van Maria Montessori, een Italiaanse arts en pedagoog die begin vorige eeuw zag dat kinderen het meest leren als ze zelf mogen kiezen, proberen en herhalen. Het is een manier van kijken naar spelen, geen merk en geen keurmerk.
Waaraan je het herkent
Eén vaardigheid per keer. Een sorteerset gaat over kleuren. Een stapeltoren over groot en klein. Een aankleedboek over knopen en ritsen. Doordat het materiaal niet alles tegelijk wil, kan een kind zich er echt op richten.
Het kind ziet zelf of het klopt. Een blok dat niet in de opening past, een bal die in het verkeerde bekertje ligt: het materiaal geeft het antwoord, niet de volwassene. Dat noemen we zelfcorrigerend, en het is de reden dat een kind er zonder hulp mee verder kan.
Echte materialen. Hout, stof, metaal, glas. Zwaar waar het zwaar hoort te zijn, glad waar het glad is. Een kind leert de wereld kennen door hem aan te raken, en plastic voelt overal hetzelfde.
Geen lampjes, geen stem, geen beloning. Speelgoed dat piept als je het goed doet, neemt het denkwerk over. Montessori-materiaal is stil. De beloning is dat het lukt.
Open genoeg voor morgen. Dezelfde blokken zijn vandaag een toren en volgende week een boerderij. Materiaal dat maar op één manier gebruikt kan worden, ligt na een week in de kast.
Welke leeftijd, welk materiaal
Tot 1 jaar kijkt, grijpt en voelt een baby. Een mobile boven de box, een grijpring, een zachte bal met verschillende stoffen. Weinig, en rustig van kleur.
Van 1 tot 2 jaar wil een dreumes dingen in en uit doen: ballen in een bakje, ringen op een stok, een deksel op een pan. Grove motoriek en oorzaak en gevolg.
Van 2 tot 4 jaar gaat een peuter sorteren, stapelen en passen. Kleurenbekers, vormenstoof, activiteitenborden met ritsen en gespen, eenvoudige puzzels met knopjes. Dit is de leeftijd waar het meeste Montessori-speelgoed voor bedoeld is.
Van 4 tot 6 jaar is een kleuter toe aan tellen, letters en meer stappen achter elkaar: telblokken, een kralenspel, een legpuzzel met opdrachtkaarten, een breukenboek.
Vanaf 6 jaar wordt het materiaal abstracter: tangram, breuken, constructie. Het principe blijft gelijk: zelf proberen, zelf zien dat het klopt.
Zo gebruik je het thuis
Leg weinig neer. Twee of drie dingen op een laag plankje, op ooghoogte van je kind, werken beter dan een volle bak. Wissel om de paar weken.
Laat het zien, en doe dan een stap terug. Doe het één keer langzaam voor, zonder praten. Daarna is het van je kind. Ook als het anders gaat dan jij dacht.
Corrigeer niet. Als een blok niet past, merkt je kind dat zelf. Hulp aanbieden kan altijd; hulp opdringen haalt precies weg wat het materiaal zo waardevol maakt.
Herhaling is geen verveling. Een kind dat voor de twintigste keer dezelfde ringen stapelt, is niet vastgelopen. Het oefent tot het klopt, en dat is precies de bedoeling.
Wat wij bij Pibbo doen
Pibbo is opgezet door een pedagoog uit het speciaal onderwijs. Wij kiezen speelgoed waar een kind na een week nog mee bezig is, en zeggen bij elk product eerlijk voor welke leeftijd het bedoeld is en wat er in de doos zit. In onze Montessori-collectie staat wat in deze geest is ontworpen. Niet alles wat wij verkopen is Montessori, en dat hoeft ook niet: een goed bordspel of een badspeeltje heeft zijn eigen plek.
Vragen over wat bij jouw kind past? Mail naar info@pibbo.nl, we reageren binnen 24 uur op werkdagen.